De functionele revalidatie van de kankerpatiënt ontwikkelen

Sinds september 2013 loopt in 15 Belgische ziekenhuizen een research project "Verbetering van de kwaliteit van het leven en de reïntegratie van vrouwen met borstkanker, na adjuvante therapie, fysieke training en coaching lifestyle". Het Universitair Ziekenhuis Gent coördineert dit door het RIZIV gefinancierde project.

De interventie omvatte een 12 weken durend revalidatieprogramma georganiseerd binnen de deelnemende centra bestaande uit fysieke training (48 uur) en psycho-educatieve sessies (24 uur). Aan het programma namen maximum 15 patiënten per revalidatiecyclus deel. De controlegroep volgde geen oncologisch revalidatieprogramma.

In totaal werden 1341 patiënten opgenomen in de analyses waarvan 477 in de controlegroep en 864 in de interventiegroep. Voor 13 van de 15 subschalen/items van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit scoorde de interventiegroep op T1 slechter. Ook voor vermoeidheid (FACIT-Fatigue), de subschalen angst (HADS) en depressie (HADS) en toestandsangst (STAI) en angstdispositie (STAI) scoorde de interventiegroep significant slechter op T1 in vergelijking met de controlegroep.

De absolute en relatieve piek zuurstofopname (lager in de interventiegroep), de absolute en relatieve piek belasting (lager in de interventiegroep) en de aangegeven subjectieve belasting (bij 40 watt en 60 watt) gemeten tijdens een maximale progressieve inspanningstest waren significant slechter in de interventiegroep vergeleken met de controlegroep. Ook voor de aangegeven subjectieve belasting gemeten tijdens de 6- minuten wandeltest, vetpercentage, lenigheid en handknijpkracht scoorde de interventiegroep slechter.

Na 3 maand oncologische revalidatie (T2) zien we een sterke inhaalbeweging (verbetering) voor 12 van de 15 subschalen/items van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit van de interventiegroep tegenover de controlegroep (geen oncologische revalidatie). Ook voor vermoeidheid (FACIT-Fatigue), de subschalen angst (HADS) en depressie (HADS) en toestandsangst (STAI) en angstdispositie (STAI) zien we een inhaalbeweging van de interventiegroep tegenover de controlegroep. Na 12 weken fysieke training zien we binnen de interventiegroep een verbetering van nagenoeg alle fysieke parameters.

Voor de controlegroep zien we een positieve, doch kleinere evolutie tussen T1 en T2 voor 9 van de 15 subschalen/items van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit, vermoeidheid (FACIT-Fatigue) en toestandsangst (STAI). Voor de controlegroep zien we enkel een toename van de relatieve piek zuurstofopname en de 6-minutenwandelafstand na 12 weken.

Ondanks de positieve evolutie tussen T1 en T2 scoort de interventiegroep vergeleken met de controlegroep na 3 maand (op T2) nog steeds zwakker voor 10 van de 15 subschalen/items van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit, vermoeidheid (FACIT-Fatigue), angst (HADS), depressie (HADS), toestandsangst (STAI) en angstdispositie (STAI). Na 12 weken fysieke training scoort de interventiegroep significant beter tegenover de controlegroep voor de absolute en relatieve piek zuurstofopname, de absolute en relatieve piek belasting en de 6-minuten wandelafstand. Voor de handknijpkracht rechts scoorde de interventiegroep nog steeds slechter in vergelijking met de controlegroep.

Voor de interventiegroep merken we tussen T2 en T3 geen verdere veranderingen meer op met uitzondering van 1 subschaal/item van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit. Ook voor de controlegroep merken we tussen T2 en T3 geen verandering meer op met uitzondering van 1 subschaal/item van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit en een lichte afname van de angstdispositie (STAI). Op T3 verschillen interventie- en controlegroep nog steeds van elkaar voor 11 van de 15 subschalen/items van de gezondheidsgerelateerde levenskwaliteit, vermoeidheid (FACIT-Fatigue), angst (HADS), depressie (HADS), toestandsangst (STAI) en angstdispositie (STAI). Het project wordt in 2016 afgerond.

Mots-clés: 
Functionele revalidatie