Kanker en voedingsgewoonten

Zoals vermeld in de vorige stand van zaken van januari 2014, bestaat er een duidelijke relatie tussen voeding en kanker, zoals geconcludeerd door de World Cancer Research Fund. In het Nationaal Voedings- en Gezondheidsplan België (NVGP-B) zijn deze bevindingen meegenomen om prioriteiten te stellen in de acties en maatregelen.

Een belangrijk instrument in de monitoring en opvolging van de voedselconsumptie en voedingsgedrag is de voedelconsumptiepeiling. Na de eerste afname in 2004-2005, is nu opnieuw een uitgebreide enquête afgerond in 2014-2015 (Lebacq, 2015). Deze peiling, gefinancierd door de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid en de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) en gecoördineerd door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV), is uitgevoerd in samenwerking met het Internationaal Agentschap voor Onderzoek naar Kanker (IARC, Lyon, Frankrijk) van de WGO en met de wetenschappelijke ondersteuning van de vakgroep Maatschappelijke Gezondheidskunde van de UGent.

Dit eerste rapport van de Nationale Voedselconsumptiepeiling 2014-2015 biedt een heel uitgebreid overzicht, verdeeld over 13 verschillende thematieken. Daaruit blijkt o.a. dat 45% van de Belgische bevolking tussen de 3 en 64 jaar een te hoge BMI heeft: 29% heeft overgewicht en 16% heeft obesitas. Dit ondanks het feit dat het merendeel van de Belgen regelmatig 3 maaltijden per dag eet, er een duidelijke toename is van de consumptie van biologische producten sinds 2004 en er bovendien meer bewogen wordt sinds 2004. Het gebruik van fruit en verse groente is niet expliciet benoemd. Het gebruik van gejodeerd zout is slechts 36%. In 2009 werd de campagne “Zout: top? Stop het zout!”, gelanceerd.  De campagne blijkt effectief, want de zoutconsumptie ligt inderdaad 10% lager in 2014, in vergelijking met 2007 wanneer de zoutconsumptie voor het eerst gemeten werd (Koppen et al., 2015).

De publieke opinie ten aanzien van voedingsbeleid lijkt over het algemeen zeer positief. Bijna de helft van de bevolking (47%) is immers gunstig gezind tegenover de heffing van taksen op ongezonde voeding en bijna drie op de vier personen (74%) beweren voorstander te zijn van maatregelen om gezonde voeding financieel te ondersteunen. 64% van de bevolking is ook gunstig gezind tegenover een regulering van de voedselreclames rond junk- en fastfood gericht op kinderen. Ook moet er aandacht besteed worden aan de voeding tijdens de behandeling van kankerpatiënten. Verder in dit rapport bespreken we de maatregelen die hiertoe genomen zijn: de financiering van diëtisten en het uitwerken van projecten rond cachexie.

Mots-clés: 
Voedingsgewoonten